Drone gekocht? Zorg dat je de regels kent!

Je koopt een kleine drone voor niet al te veel geld en je wil daar natuurlijk meteen mee vliegen. Eerst moet je jezelf nochtans registreren. Dat geldt namelijk voor alle drones waar er een camera op zit. Met andere woorden, heb je een DJI, HoverAir of andere drone waarmee je kan filmen, dan ben je aan die regels onderhevig. Enkel pure speelgoeddrones of andere drones die lichter zijn dan 250 gram en geen camera of sensoren hebben, vragen geen verplichte registratie.
Zet je drone op de weegschaal

Aan de vermelding van die gewichtslimiet kun je al veronderstellen dat er verschillende klassen drones bestaan. Elke nieuwe drone krijgt op basis daarvan een CX-label. Op basis daarvan beland je dan automatisch in de categorie A1, A2 of A3. De regels gelden voor heel Europa, met een aantal specifieke aanpassingen per land. Speciale drones, zoals zelfgebouwde of transportdrones, hebben een aantal aparte regels die we hier niet bespreken.
Voor de volledige Open-categorie gelden al meteen een aantal regels. Zowat elke normale drone voor recreatief gebruik valt binnen die categorie. Die regels zijn:
1. Vlieg niet over een bijeenkomst van mensen (festivals, betogingen).
2. Ga niet hoger dan 120 m met de drone.
3. Hou het toestel binnen het gezichtsveld.
4. Gebruik het niet om goederen te droppen.
5. Respecteer de geozones en check dus vooraf op Droneguide of je op een bepaalde locatie wel mag vliegen of eerst toestemming moet aanvragen.
6. Vlieg niet in de buurt van hulpverleners.
7. In tegenstelling tot in andere landen mag je in België wel ’s nachts vliegen, maar dan heb je een groen, flikkerend waarschuwingslicht nodig.
8. Kinderen mogen enkel een drone besturen onder begeleiding van een volwassene die de juiste certificaten voor de specifieke drone heeft.
9. Respecteer de privacy van mensen.
Vergeet je niet te registreren

Toestellen van minder dan 250 gram hebben een C0-label en zitten in categorie A1. Daarin vind je de DJI Neo-, Flip- en Mini-reeks of de HoverAir X1-reeks. Voor je eerste vlucht moet je je registreren als dronepiloot via het online Drone Portal van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer. Dat gaat snel en je moet vooral het nummer van je familiale verzekering bij de hand houden. Dat moet je namelijk ook invullen. De meeste polissen dekken het gebruik van een lichte drone voor recreatief gebruik. Uiteraard vraag je dat eerst na bij je verzekeraar. Na je registratie als UAS-exploitant (Unmanned Aircraft System) krijg je een exploitantnummer dat je op je drone moet aanbrengen.
In Europa is de minimumleeftijd 16 jaar om je te kunnen registreren, in België 14 jaar. Je moet dus geen examen afleggen, maar het kan geen kwaad om de lessen toch te volgen. De gebruiksaanwijzing moet je trouwens wel goed gelezen hebben, zodat je jouw apparaat veilig kunt besturen.
Je mag over gebouwen en zelfs over mensen vliegen, zolang dat geen grote menigtes zijn die niet snel kunnen uitwijken. Dat laatste is uiteraard voor interpretatie vatbaar, dus ga je er maar best voorzichtig mee om.
Vaak is een vliegbewijs nodig

Weegt je drone tussen de 250 en 900 gram, dan heeft die normaal een C1-label en zit je nog altijd in categorie A1. Je hebt dus dezelfde vrijheden als hierboven vermeld, maar je moet wel een gratis online handboek lezen en een online examen afleggen via hetzelfde Drone Portal. Uiteraard zorg je dat je eerst je UAS-exploitantnummer bezit, zodat je certificaat automatisch in je Drone Portal verschijnt.
Drones met dit label zijn bijvoorbeeld de DJI Air- en Avata-reeksen.
Schriftelijk examen

Zit jouw drone tussen de 0,9 en 4 kilo (bv. de zwaardere DJI Mavic-reeksen), dan draagt hij waarschijnlijk het C2-label en kom je in de A2-reeks. Opnieuw moet je dezelfde regels volgen, maar nu moet je niet alleen een theoretische opleiding volgen en schriftelijk examen afleggen, maar ook een praktische opleiding. De minimumleeftijd ligt op 16 jaar. Je drone moet op lage snelheid een afstand van 5 m behouden op personen die niet betrokken zijn bij de vlucht of 30 m op hogere snelheden.
Doe je de praktische opleiding niet, dan kun je je houden aan de regels voor A3 en het online examen voor A3 afleggen. Daarbij moet je 150 meter afstand houden van niet-betrokken mensen en gebouwen. Vraag je toelating aan de mensen die je wil filmen, dan mag je er trouwens wel boven vliegen.
Er zijn nog zwaardere drones, met specifieke vereisten, maar die vallen buiten de categorie van kopers die we hier beogen.
Gebruik je verstand

Altijd geldt dat je jouw gezond verstand gebruikt. Vlieg niet rakelings langs mensen en bewaak de privacy van anderen. Hou de snelheid binnen je eigen capaciteiten en hou de wind in de gaten. Verschijnt er een waarschuwing in de app van je drone, bekijk die dan goed. Zo ontdek je misschien dat er een toelating vereist is in die zone.
Denk er eveneens aan dat je drone normaal wel een tracker heeft als hij ingeschakeld is, maar niet noodzakelijk een gps-tracker heeft die je ook in uitgeschakelde toestand kan gebruiken om je toestel te lokaliseren. Een AirTag of andere tracker aan je drone bevestigen is dan een oplossing om definitief verlies te vermijden. Heb je de regels gevolgd, dan staan je naam en je UAS-exploitantnummer op een stickertje te lezen en kan bijvoorbeeld de politie jou als eigenaar gemakkelijk vinden.




















