Samsung Galaxy S26 Ultra review: beste Galaxy maakt nog niet de ‘beste telefoon’

Grote innovaties of veranderingen blijven al jaren uit in de Galaxy S-serie. Samsung kiest steeds voor een herkenbaar, veilig ontwerp, met specificaties en features die niemand zal afschrikken en die vooral een breed publiek aantrekken. Want, in tegenstelling tot hoe menig techliefhebber denkt, draait het bij Samsung om de grote aantallen en niet per se om hechte fans. En voor dit publiek, dat mogelijk eerder een Galaxy S22 Ultra of S23 Ultra in huis haalde, is de vernieuwde Galaxy S26 Ultra een schot in de roos.
Vergeleken met die toestellen is de Galaxy S26 Ultra immers wel een stuk verfijnder. Neem de rondere randen van het frame, zodat het toestel niet zo in je handpalmen ‘steekt’. Maar ook de camera’s kregen sindsdien een flinke upgrade, de Snapdragon 8 Elite Gen 5 is wezenlijk sneller dan de Snapdragon-chips uit die tijd én je hebt nu Privacy Display, het uithangbord van de nieuwe Ultra. Een indrukwekkende feature die op zichzelf al een verhaal waard is, maar is dat ook voldoende om het ‘gebrek’ aan innovatie op andere vlakken in te halen? We nemen je mee door de voors en tegens van de Samsung Galaxy S26 Ultra.

Samsung Galaxy S26 Ultra: de pluspunten
Toestel ligt (wederom) fijn in de handen
Wie goed heeft opgelet, zal zijn opgevallen dat de Galaxy S26-serie en in het bijzonder de Galaxy S26 Ultra heel sterk lijkt op de uitgaande Galaxy S25 Edge. Van achter kreeg de Ultra hetzelfde cameraplateau, maar dan wel met een iets uitgebreider camerasysteem. Ook kopieerde Samsung voor de Ultra de sterker afgeronde hoeken van de S25 Edge en dat is zeker geen overbodige luxe. Voorgaande Ultra-toestellen hadden nogal puntige hoeken, waardoor ze flink in je handpalmen sneden. Dat was met de S25 Ultra al grotendeels verholpen, maar op de Galaxy S26 Ultra heb je daar al helemaal geen last meer van.
Over het geheel genomen ligt het toestel hierdoor gewoon fijn in de handen. Zonder hoesje is het toestel wel vrij glad, waardoor hij al eens uit onze handen gleed als we niet aan het opletten waren; een hoesje kan dus zeker geen kwaad. Dat verhelpt dan ook gelijk een euvel van de Ultra, de nogal forse cameraheuvel waardoor het toestel op en neer wiebelt als je ’m op tafel legt.
Over duurzaamheid gesproken: Samsung is weer teruggekeerd naar een aluminium frame, waar het op de Galaxy S25 Ultra nog koos voor een frame van titanium. Het is iets wat je als gebruiker waarschijnlijk nooit gaat opvallen, maar voor Samsung wél de nodige complicaties oplevert, het gebruik van titanium toch. Dat is lastiger te verwerken en heeft een hogere klimaatimpact. Aluminium heeft zijn strepen bovendien wel verdiend de laatste jaren en ziet er eigenlijk net zo premium uit als het titanium frame van de S25 Ultra. Glad is het dus wel, maar dat ligt eerder aan de afwerking waar Samsung voor gekozen heeft.

Andere details bleven dan weer ongewijzigd. Voorop vind je nog steeds Gorilla Glass Armor 2 met Gorilla Glass Victus 2 achterop. Geen Gorilla Glass Ceramic 3 dus, wat nog net iets duurzamer zou zijn, maar ook de genoemde varianten van gehard glas beschermen je toestel voldoende tegen krassen en barsten. Datzelfde geldt dan weer voor de stof- en waterbestendigheid van de S26 Ultra: die blijft ‘steken’ op IP68, waardoor het toestel ondergedompeld kan worden in een plas (zoet) water en ook een regenbui overleeft. Maar een vaatwasser met warm water, daar steek je de Ultra best niet in. Dat kan wel bij steeds meer toestellen van Chinese makelij die IP69-stof- en waterbestendig zijn. Maar tegelijk: dat is eigenlijk overbodig en IP68 voldoet voor alledaags gebruik.
Fraai en vloeiend oledscherm
Meer van hetzelfde zien we bij het oledscherm van de Galaxy S26 Ultra. Dat is in de basis identiek aan het paneel op zijn voorganger, met een 6,9-inch-diagonaal, een resolutie van 1.440 x 3.120 pixels en 120Hz-beeldverversing (1-120 Hz, LTPO) én natuurlijk met de befaamde antireflectieve coating. Ook de piekhelderheid van 2.600 nits is ongewijzigd. Van vernieuwing is weliswaar geen sprake, maar dat had de Ultra eigenlijk ook niet nodig. Het oledscherm van de S25 Ultra was al prachtig en dat is met zijn opvolger niet anders.
Het beeld is scherp en meer dan helder genoeg voor de lente (en zomer), ook als de zon precies boven je staat. LTPO, de technische benaming van variabele beeldverversing op smartphones, is ook weer van de partij en zorgt er enerzijds voor dat beelden vloeiend ogen, zonder anderzijds (te) snel door je batterijreserves heen te gaan. Net zoals bij eerdere Galaxy-telefoons staat de resolutie om die reden standaard ook lager ingesteld (Full HD). Via de instellingen kan je de resolutie nog verhogen naar QHD+, maar in de praktijk merk je er bijna niets van.

Natuurlijk biedt het scherm ook weer ondersteuning voor de S Pen. Aan die pen is ook niets gewijzigd ten opzichte van de S25-serie. Als je ’m uit de telefoon haalt, kan je er meteen mee beginnen tekenen op het scherm. Maar de bluetoothfuncties van eerdere S Pen-styli lijken helaas definitief verdwenen. Handig blijft de modus om een notitie te maken als je scherm nog uitstaat: zodra je de stylus uit het toestel haalt, komt er meteen een kladblok tevoorschijn in oledmodus en dat wordt ook weer opgeslagen zodra je ’m opbergt.
Goed om te weten trouwens is dat het paneel op de S26 Ultra een 8-bitscherm is. Hoewel de telefoon dus wel HDR-content kan weergeven, met ondersteuning voor HDR10+, is het kleurbereik beperkter dan het 10-bitpaneel van Apples iPhone 17 Pro. Ergens wel verrassend, gezien het scherm van de iPhone óók door Samsung gemaakt wordt.
Privacy Display
Het Privacy Display van de Galaxy S26 Ultra is zo mogelijk het grootste wapenfeit tegenover zijn concurrenten. Wellicht ken je de feature al van privacyscreenprotectors die je ‘beschermen’ tegen meegluurders, bijvoorbeeld in het openbaar vervoer. Maar die kennen één groot nadeel: ze staan altijd aan, ook als je die privacybescherming niet nodig hebt. Wat ten koste gaat van de kijkhoeken en de beeldkwaliteit. Privacy Display kan je daarentegen steeds in- en uitschakelen, maar zelfs enkel voor specifieke delen van het scherm gebruiken. Als je het niet nodig hebt, heb je er dus ook geen last van.
Eens ingeschakeld zie je dat overigens wel aan het scherm. Je verliest echt een deel van je schermresolutie: Privacy Display gebruikt effectief een ander type oledpixel om meegluurders de deur te wijzen. Die pixels geven hun licht af onder een beperkte hoek, zodat je de content vanaf de zijkant minder goed ziet. Aan de werking ervan valt niets op te merken: de content wordt effectief verhuld onder een grijzige/zwarte laag als je het scherm van de zijkant bekijkt.
Waar we nóg sterker van onder de indruk zijn, is de mogelijkheid om delen van het scherm onzichtbaar te maken. Dat is mogelijk voor meldingen en inlogschermen, zodat mensen niet kunnen meegluren met de berichtjes die je ontvangt, of bij je inlogpogingen. In dat geval heb je ook geen last van het genoemde verlies in helderheid. Enkel in de delen van het scherm waar de meldingen of loginvelden verschijnen, wordt dan de pixelstructuur aangepast. Dat zijn features die we ook de hele testperiode hebben laten aanstaan. Hoewel we niet per se bang zijn dat andere mensen meekijken, is het ergens wel een fijne gedachte dat het ook helemaal niet kan. En zelf heb je er toch ook helemaal geen last van, tenzij je je telefoon continu vanaf de zijkant bekijkt.
Aan rekenkracht geen gebrek
Voor de Ultra voorziet Samsung opnieuw een Snapdragon-chipset, ditmaal de Snapdragon 8 Elite Gen 5 For Galaxy. Dat is, zoals de naam al zegt, een voor Samsung afgestelde versie van de 8 Elite Gen 5 met iets hogere kloksnelheden dan de reguliere Elite. De chipset bevat acht door Qualcomm ontwikkelde kernen die nog een stukje vlotter zijn dan de rekeneenheden van de Exynos 2600, die in de Galaxy S26 en S26+ zit. Ook de Adreno 840 GPU laat, in theorie dan, weinig te wensen over.

Hoe de theorie zich vertaalt naar de praktijk? Bij het draaien van Wild Life Extreme verslaat de Ultra moeiteloos de S26 met een score van 7.758 punten (6.978 voor de S26). Ook in de Solar Bay-benchmark liet de Snapdragon 8 Elite Gen 5 stevigere prestatiecijfers optekenen dan de Exynos, al is het verschil hier wel kleiner: 12.981 voor de Ultra, tegenover 12.395 voor het basismodel. Dat toont aan dat de GPU in de Snapdragon echt nog wel iets krachtiger is, maar dat het verschil in raytracingprestaties tussen de twee niet gigantisch is.
We merkten bij de benchmarks ook op dat de S26 Ultra behoorlijk warm kan aanvoelen. De hele behuizing lijkt zowat gelijkmatig verwarmd te worden. Maar dat kan er ook net voor zorgen dat de chipset niet oververhit raakt. Toch moest de telefoon zijn prestatieniveau in de Wild Life Extreme-stresstest behoorlijk bijstellen na verloop van tijd. Temperatuurgewijs werd de S26 Ultra overigens niet warmer dan de S26 (44 graden), wat ook gewoon veilig is voor je smartphone en handen. Het is dus zeker niet zo dat je je handen gaat branden aan de telefoon na een stevige gamesessie.
Maar benchmarks terzijde: ook bij alledaags gebruik presteert de S26 Ultra zoals je verwacht van een high-endtelefoon. Apps, van sociale media tot zwaardere games en apps voor foto- en videobewerking, laden vlotjes en voelen ‘snappy’. Met 12 GB RAM heb je bovendien geen last van apps die uit het geheugen verwijderd worden als je, zoals wij, vaker heel wat apps geopend laat staan. Een deel van dat geheugen wordt overigens gebruikt voor alle AI-toepassingen van Samsung, maar je houdt steeds meer dan genoeg RAM over voor dagelijks en zwaarder gebruik.
Lange batterijduur en sneller opladen
Sinds het Note 7-fiasco doet Samsung het wat rustiger aan met batterij-innovaties. Van een nieuwe, grotere batterij is al jaren geen sprake: de batterij in de S26 Ultra is qua capaciteit ongewijzigd tegenover zes jaar geleden, toen Samsung de S20 Ultra 5G uitbracht. De capaciteit blijft steken op 5.000 mAh, wat voor hedendaagse begrippen bijna klein is. Op Chinese toestellen vind je tegenwoordig batterijen van ruim 7.000 mAh in behuizingen die soms compacter zijn dan de Ultra.
Die toestellen zijn bovendien, dankzij nieuwe batterijtechnieken, niet of nauwelijks zwaarder dan toestellen met oudere 5.000mAh-batterijen. Toch betekent dat gelukkig niet dat de Ultra razendsnel weer aan de lader moet. In onze testweek ging de Galaxy S26 Ultra gemiddeld eens per dag of anderhalve dag aan de lader, maar was hij dan vaak zelfs niet leeg. Op dagen dat we meer foto’s hebben gemaakt, ging de batterij er uiteraard sneller op achteruit, maar over het algemeen zet het toestel een heel aardige batterijscore neer.

Dat zal ongetwijfeld te maken hebben met de efficiënte Snapdragon-chipset en optimalisaties die Samsung in zijn One UI-schil heeft doorgevoerd. Toch durven we al te dromen van een veel grotere batterij op de S27 Ultra en de voordelen die een grotere batterij voor de S26 Ultra gehad zou hebben. Een gelukje is alvast dat het opladen dit jaar sneller gaat, met maximaal 65 watt via een oplader die USB PPS ondersteunt. Eerder was dat nog 45 watt, dus Samsung heeft een degelijke stap vooruitgezet. Ook hier: de Chinezen lopen nog voorop, maar van 0-80% in iets meer dan 30 minuten is voor mij ook al meer dan degelijk zat.
Samsung Galaxy S26 Ultra: de minpunten
Camerasysteem
Voor het vinden van de minpunten heb je bij de Galaxy S26 Ultra een vergrootglas nodig. Meteen een mooi bruggetje naar het camerasysteem van de Ultra, dat wederom bestaat uit vier camerasensors:
- Hoofdcamera: 200 MP, f/1,4
- Groothoekcamera: 50 MP, f/1,9
- Zoomcamera (3x): 10 MP, f/2,4
- Zoomcamera (5x): 50 MP, f/2,9
Dit zijn ook, de sensors alleszins, dezelfde als in de Galaxy S25 Ultra. Wel heeft Samsung het diafragma van zowel de hoofd- als de zoomcamera (5x) vergroot, zodat ze meer licht en dus meer details kunnen vastleggen. Dat zie je terug aan de lagere f/-cijfers en moet vooral foto’s bij minder licht, zoals ’s avonds en binnenshuis, ten goede komen.





Geen gigantische veranderingen dus, maar de foto’s blijven in de meeste gevallen ontzettend goed. Zeker foto’s van de 200MP-hoofdcamera en zoomcamera van 50 MP kunnen zich moeiteloos meten met foto’s die je op iPhones schiet. Daarvoor geldt dan wel één maar: je moet niet te veel op de foto’s willen inzoomen. We merkten regelmatig op dat het algoritme van Samsung kleurdetail boven kleine details stelt. Dat zien we terug in het gras, dat nogal wazig oogt, maar ook als we inzoomen op de stenen van het appartementsgebouw zien we eigenlijk maar weinig detail. Dat betekent dat je op het eerste gezicht heel fraaie plaatjes hebt, die we ook graag op sociale media zouden zetten, maar dat er bij Samsung echt nog wel werk ligt om meer details te bewaren.


Samsungs algoritme levert soms ook bijzonder donkere plaatjes af. Schaduwen worden nog extra geaccentueerd, wat fraai lijkt, maar uiteindelijk ook vooral betekent dat er veel details verloren gaan. We zagen dit al bij de Galaxy S26, en het is dus iets Samsung-eigens. Maar we moeten wel zeggen dat dit ook vooral een persoonlijke voorkeur is en dat de plaatjes er over het algemeen heel goed uitzien, ook ’s avonds.
Ook de zoomcamera’s (3x en 5x) schieten doorgaans prima foto’s, al merk je dat de 3x-zoomcamera (10 MP) eigenlijk een te lage resolutie heeft om in alle omstandigheden bruikbare foto’s te schieten, iets wat zelfs goedkopere telefoons soms beter doen. Wat ons betreft mag Samsung die sensor gerust achterwege laten bij de S27-serie. Dit is al een stuk beter bij de 50MP-sensor, die wel degelijk fraaiere en scherpere zoomfoto’s aflevert. De 30x- en 100x-zoommodi laat je overigens best voor wat ze zijn. Hoewel indrukwekkend, vragen we ons daarbij af hoeveel details door AI ingevuld worden en wat de camera’s zelf hebben vastgelegd. Ook hier geldt dat er gewoon weinig tot geen detail in de foto’s zit en je eigenlijk weinig aan die plaatjes hebt.


Van de groothoekcamera kan je dan ook weer heel prettige plaatjes krijgen. Een reisje naar wat architectuur zat er in onze testperiode helaas niet in, maar we hebben ons ermee geamuseerd en de kwaliteit is, net als bij de hoofdcamera, vergelijkbaar met die van de iPhone 17 Pro.
AI niet altijd in het Nederlands
One UI 8.5 bouwt voort op het fundament van voorgaande One UI-versies van Samsung en dat levert een fraaie Android-implementatie op. De schil ziet er in onze optiek netjes uit, zonder al te veel opsmuk en apps die je eigenlijk niet nodig hebt. En als die er wel op zitten, zoals een Game Center, dan kan je die ook gewoon van de telefoon verwijderen. We konden zelfs de standaard klok- en rekenmachine-apps vervangen door die van Google. De software werkt verder snel en bevat (gelukkig) geen advertenties. Naast Googles Pixel UI blijft One UI een van de makkelijkst te bedienen UI’s in het Android-ecosysteem.
Ook met één van de langste updatetermijnen. Samsung belooft de Galaxy S26 Ultra (en andere modellen in deze reeks) liefst zeven jaar lang van updates te voorzien, tot en met 2033 dus. Zelfs als je de telefoon pas in 2027 of 2028 in huis haalt, heb je dus nog heel wat software-updates tegoed.

Natuurlijk zit er ook een hoop AI op de Galaxy S26 Ultra, inclusief de bekende Now Brief die persoonlijker zou moeten aanvoelen, al hebben we daar in de testperiode niet direct iets van gemerkt. Samsung heeft ook Bixby weer ‘tot leven’ gewekt, waarmee je nu instellingen van je telefoon kan aanpassen door in ‘natuurlijke taal’ iets te vragen. Verder heeft One UI 8.5 een nieuwe Now Nudge-functie die slimme acties kan voorstellen op basis van wat er op je scherm te zien is. Google bracht dit eerder al tot leven met Magic Cue, maar ook bij Samsung kan je er nu dus mee aan de slag, zij het alleen in het Engels en Frans. En zo zijn er wel meer beperkingen van Samsungs AI: ook Call Screening werkt op het moment van publicatie niet in het Nederlands.
Een tegenvaller dus: Samsung pakt er bij zijn presentaties immers groots mee uit, terwijl je er momenteel maar weinig mee kan, tenzij je je telefoon graag in het Engels gebruikt. Bovendien zitten sommige features verwerkt in Samsungs eigen toetsenbord, zoals voor het laten herschrijven van teksten of het samenvatten van webpagina’s. Overigens moet je sowieso niet per se de S26 Ultra kopen voor de AI: veel van de AI maakt deel uit van de One UI-schil die Samsung op termijn naar alle recente Galaxy-telefoons uitrolt.
Conclusie
De Samsung Galaxy S26 Ultra is geen gigantische upgrade tegenover zijn voorganger, de S25 Ultra. Maar er waren ook niet bijster veel punten die Samsung ‘moest’ aanpakken. Het toestel had al een megagoed scherm en dat is met het Privacy Display enkel nog maar beter geworden. De prestaties, software en batterijduur zijn meer dan goed genoeg in dit segment, al hadden we gehoopt op een iets substantiëlere batterijcapaciteit. Waar Samsung iets meer ‘aandacht’ aan zou kunnen schenken, is het camerasysteem, dat al enkele jaren grotendeels ongewijzigd is en wellicht toe is aan een opfrisbeurt die meer inhoudt dan een groter diafragma voor enkele camera’s.
Dat Samsung de prijzen ongewijzigd heeft gelaten, is dan wel weer mooi meegenomen. Je krijgt er dus een unieke feature bij voor exact dezelfde prijs als de S25 Ultra. Al is die intussen natuurlijk wel goedkoper. Afhankelijk van hoe groot dat gat is, zouden we die ook nog wel durven aanraden. Gigantisch zijn de upgrades, buiten het Privacy Display, immers niet.
















