Business

High-tech ‘miscegenation’ in India en China

Webster definieert miscegenation als een vermenging van rassen: huwelijk, samenwonen, seksuele gemeenschap tussen een blanke en een lid van een ander ras. Het technologierapport in The Economist van 10-16 november dient paniekzaaiers uit het Westen van antwoord en bestempelt de technologiesituatie van India en China als een van splendid miscegenation.

China en India hebben heel wat te bieden aan de wereld van de technologie, maar hebben er nog meer bij te winnen. De eigen interne noden aan technologie van de twee giganten zijn zo groot dat zij nog lang beroep blijven doen op technologie die bij ons is uitgevonden. Hun economieën zijn minder gesofistikeerd dan ze lijken. Slechts een beperkt aantal Indische ondernemingen creëert zelf nieuwe medicijnen, veeleer recreëren zij. India blijft vooral een land van bodyshoppers, China de elektronicafabriek van de wereld.

India en China maken vooral slim gebruik van vreemde technologie, eerder dan zelf in te staan voor doorbraken. Zij beperken zich tot assemblage, kopiëren, onderhoud en lokaliseren voor eigen gebruik.

Doemdenkende nationalisten trekken deze visie in twijfel. Economisten vinden echter een overvloed aan bewijsmateriaal dat deze landen voor hun economische ontwikkeling de gemakkelijkste weg volgen: echte eigen innovatie is te risicovol en onnodig om hun interne economische ontwikkeling te stimuleren. Zij doen vooral aan ‘architecturale innovatie’: zij vinden nieuwe toepassingen voor bestaande technologie of combineren ze op vernieuwende manieren; wetenschappelijk vrij bescheiden maar commercieel rendabel.

Chinese leiders hadden wat graag hun eigen technologietitanen; de voornaamste bron van innovatie vinden zij echter bij hun miljard eigen potentiële klanten. Dat is belangrijker dan onderzoekers in ivoren torens of stimulerende regeringsprogramma’s. De geciteerde onderzoekers stellen dat de technologische toekomst van deze naties eerder rust bij de aanwending van standaardtechnologie door brede lagen van de bevolking dan bij originele uitvindingen. De extreem lage pc-penetratie in India moet er de overheid meer zorgen baren dan het laag aantal octrooiaanvragen.

Blijft ook de vraag wat ‘uitgevonden’ in China of India betekent. Een Indische farmaceutische onderneming gebruikt Zwitserse machinerie om Indische kruiden te bestuderen en voedt een biobibliotheek gekocht in Duitsland. De Indische IT-gigant TCS bedient een Canadese bank met personeel uit India, Canada en de VS, terug met een software betrokken uit Zwitserland.

Ontwikkelingslanden moeten geïmporteerde kennis mengen met eigen ideeën vooraleer ze die echt assimileren. Als het dat is wat China verstaat onder eigen innovatie, dan is het op de goede weg. Het is onnodig technologie over het ganse spectrum te bezitten of innovatie bij wet te creëren.

Deze visie “Het Westen hoeft zich geen zorgen te maken over de technologische bedreiging van India en China” moet toch afgezet worden tegen de wetenschap dat tot de vijftiende eeuw China Europa ver vooruit was in hydraulica, uurwerkmakerij, ijzersmelterij, scheepsbouw, weefgetouwen, papierproductie, en buskruit. Het genie van India was, net als vandaag, te vinden in software, niet in hardware. Zij lagen aan de basis van een wiskundige revolutie: het decimaal systeem, het getal nul vermenigvuldigd met nul was nul, de berekening van pi tot tien decimalen na de komma.

Karel Uyttendaele was in een vroeger leven directeur bij Agoria en bij HP en kabinetschef van de Staatssecretaris voor Informatisering van de Staat.

blogbusinessitprofessional

Gerelateerde artikelen

Volg ons

Bekijk de huidige aanbiedingen bij Coolblue

Bekijk de huidige aanbiedingen bij Coolblue

👉 Bekijk alle deals