Business

Afrika, niet wachten op Godot!

 

Sub-Sahara Afrika staat in rep en roer, ook buiten de twistgebieden. Zowel politici als burgers, vakbonden, het patronaat en kunstenaars marcheerden op 11 januari op Brussel. Aanleiding zijn de economische partnerschapsakkoorden (APE’s) waarin de EU grotere markttoegang aanbiedt in ruil voor afbouw van de handelsbarrières in de ontwikkelingslanden. De wereldhandelsorganisatie WTO ziet oneerlijke concurrentie in de Cotonou preferentiële handelsakkoorden met onze vroegere kolonies. Die akkoorden liepen af op 31 december 2007.

Een hele rist Afrikaanse presidenten wil het bij de oude Cotonou-akkoorden houden. Zij vrezen dat Afrika nog meer overspoeld zal worden door Europese, gesubsidieerde landbouwproducten; dat het continent daardoor invoerrechten zal missen en nog dieper in de armoede zal storten. Daarenboven zijn zij het beu Europa te horen hameren op goed bestuur, mensenrechten en democratie. President Wade van Senegal wikt zijn woorden niet wanneer hij op de EU-Afrika top van begin december in Lissabon Eurocommissaris Louis Michel van antwoord dient: "China en India zijn echte partners geworden, de Chinezen zijn overal aan het werk, zij preken niet."

Afrikaanse leiders willen dus nieuwe échte onderhandelingen ‘tussen gelijken’ en willen hun ontluikende economieën door intelligent protectionisme blijven beschermen. Is dit geen te defensieve houding? Is dit niet wachten op Godot? Moet ook Afrika – offensief – niet meer inspelen op de kansen geboden door de mondialisering en door ICT? En zelf meer en sneller nieuwe producten en diensten bedenken voor de wereldmarkten; verrijkte producten en diensten van eigen bodem? Is het niet aangewezen dat Afrikaanse leiders, simultaan met hun manifestaties tegen de EU, hun bevolking – én in eerste instantie hun ondernemers – sensibiliseren om de nieuwe kansen te grijpen?
 

 

Blijven rekenen op inkomsten gegenereerd door de uitvoer van grondstoffen en de inning van douanerechten volstaat niet om voldoende waarde te creëren om de armoede in te dijken. Het gebrek aan eigen multinationals mag geen excuus meer zijn. Zelfs Westerse giganten kunnen het niet meer aan om op hun eentje snel innovaties internationaal te lanceren en te verdelen. Zij doen beroep op partners. Snelheid primeert. Internet maakt ook de Afrikaanse KMO groter dan zij is. Voorwaarde is wel een mentaliteitswijziging bij Afrikaanse ondernemers. Ook zij moeten hun dromen, hun visie durven delen met partners. Ook zij moeten aanvaarden dat deze partners beter worden van hún idee. Pan-Afrikaanse samenwerkingsverbanden moeten dus als eerste ingezet worden. En internet vergemakkelijkt nu eenmaal prettig samenwerken met partners.

Europa voert vooral investeringsgoederen uit naar Afrika. Daarop invoerrechten heffen verzwaart ook de factuur voor productiviteitsverhoging van de Afrikaanse economie. Afrikaanse ondernemers en de overheden kunnen er daarenboven van op aan dat bij de eerste tekenen van opleving van hun economie, Europese ondernemers echt zullen mee investeren in het zwarte continent. Afrikaanse leiders moeten ook niet bang zijn dat Westerse ondernemingen enkel uit zijn op lage lonen om nadien alle winsten te repatriëren naar het moederland. Eigentijdse Westerse investeerders speculeren evenzeer op verhoogde koopkracht in de ontluikende economieën om er op korte termijn hun duurdere Westerse producten en diensten te slijten.
 

Karel Uyttendaele was in een vroeger leven directeur bij Agoria en bij HP en kabinetschef van de Staatssecretaris voor Informatisering van de Staat.

 

blogbusinessitprofessional

Gerelateerde artikelen

Volg ons

Bekijk de huidige aanbiedingen bij Coolblue

Bekijk de huidige aanbiedingen bij Coolblue

👉 Bekijk alle deals