E-coop forceert bescheiden doorbraak voor openbron in Vlaanderen

Eind november loopt het E-coop project af. In drie jaar heeft dit project 65 organisaties uit de sociale sector geholpen bij het installeren en gebruiken van openbronsoftware. Of liever: vrije software. Want de initiatiefnemers hebben nooit verborgen dat hun voorkeur voor deze vorm van software voor een stuk ideologisch is geïnspireerd.
Het E-coop project startte eind 2004. Initiatiefnemer was de vzw Memo (Mens- en Milieuvriendelijk Ondernemen). De financiering kwam onder meer van het Europees Sociaal Fonds en Cera. Organisaties uit de sociale sector konden bij E-coop gratis terecht voor IT-hulp. Die hulp zou gebaseerd zijn op een selectie van geschikte openbronpakketten.
Projectmedewerker Merijn Supply: ‘Wij vonden dat de filosofie van vrije software heel nauw aansluit bij de ideeën van sociale economie, en onder meer bij het solidariteitsprincipe.’ Toch wilde E-coop alleen technologie voorstellen die minstens evenwaardig is aan commerciële software, aldus Supply.
E-coop concentreerde zich op vier doelgebieden: kantoorsoftware (onder meer installeren en ondersteunen van Open Office), websites (bouwen van sites met het openbron contentmanagementsysteem Joomla), samenwerkingssoftware (vooral het webgebaseerde GroupOffice) en tenslotte netwerkservers (installatie van Samba).
De 65 organisaties die door E-coop werden geholpen, vormen een bont allegaartje van instellingen uit de sociale economie zoals beschutte werkplaatsen, maar ook ecologisch gerichte bedrijven zoals Ecopower. Oorspronkelijk was het zelfs de bedoeling om 80 organisaties te ondersteunen, maar dat bleek wat te hoog gegrepen.
Aanvankelijk werkte E-coop op technisch vlak samen met het Linux dienstenbedrijf Arafox, dat echter ondertussen opging in OpenTrust en zich op andere markten toelegt. Sindsdien wordt voor moeilijke technische realisaties beroep gedaan op Digibel.
Merijn Supply heeft ‘gemengde gevoelens’ bij de afloop van het project, zegt hij zelf. ‘Er zijn heel wat obstakels opgedoken, maar uiteindelijk werd het een succesverhaal waar we heel blij mee zijn.’ Welke obstakels dan? ‘De grote drempelvrees bij de locale IT-leveranciers voor iets als Samba. Mensen stappen graag naar hun plaatselijke softwareboer, maar die is meestal erg Microsoft-gericht.’ Veel organisaties vreesden ook dat ze geen ondersteuning zouden vinden voor openbronproducten, zegt Supply. ‘En het was pijnlijk om vast te stellen dat er inderdaad heel weinig bedrijven zijn die vrije software bij kleine organisaties willen ondersteunen.’
Wat gebeurt er dan met de organisaties waar E-coop de afgelopen drie jaar software installeerde? Supply hoopt dat die organisaties, dankzij vorming, in hoge mate op eigen houtje verder kunnen. ‘Maar wij zullen ook een lijst opstellen van commerciële bedrijven waar ze ondersteuning kunnen krijgen voor een redelijke prijs’, zegt Supply.
De initiatiefnemers zoeken nu naar een manier om hun werk verder te zetten, via een nieuwe subsidieaanvraag. ‘Wij hopen om in een vervolgproject méér te kunnen doen met minder middelen, door ons te concentreren op dingen die minder technische knowhow vereisen en toch tot groot resultaat kunnen leiden.’












