Internet via het radiospectrum?

In Genève wordt deze week beslist wat er zal gebeuren met de frequenties die vrijkomen wanneer de televisiezenders hun analoge uitzendingen via de ether staken. Als het van het BIPT afhangt wordt mobiel internet zeker een van de toepassingen, maar dat is dan buiten de overheid gerekend.
De radiogolven waarop nu nog analoge televisiekanalen worden uitgezonden, gaan in Vlaanderen volgend jaar leeg komen te staan – vanaf dan zullen enkel nog digitale uitzendingen via ‘de antenne’ gebeuren, en die gebruiken minder ruimte van het radiospectrum. Dat creëert dus vrije frequenties, die onder de noemer ‘digitaal dividend’ door het leven gaan. Ze zijn zeer gegeerd, omdat het om lage frequenties gaat. Die vereisen kleinere – en dus goedkopere – antennes en de signalen reiken verder.
Op de World Radiocommunication Conference in Genève zal worden beslist wat er met die frequenties gebeurt. De conferentie wordt georganiseerd door de International Telecomunication Union, het agentschap voor informatie- en communicatietechnologie van de Verenigde Naties. Meer dan 3.000 aanwezigen uit 152 landen verdedigen er de belangen van vele organisaties en agentschappen.
Voor België is er een delegatie aanwezig van het Belgisch Instituut voor Postdiensten en Telecommunicatie (BIPT). Die heeft een accreditatie gekregen van het ministerie van Buitenlandse Zaken om in naam van België te spreken. Ook al worden er beslissingen genomen die de tv-omroepen aangaan, toch is er geen vertegenwoordiging van de openbare of commerciële omroepen aanwezig.
BIPT niet akkoord met België
Er kunnen verschillende bestemmingen aan het dividend worden gegeven. “Er is een waaier aan toepassingen waarvoor de frequenties kunnen worden gebruikt,” zegt Eric van Heesvelde, voorzitter van de Raad van het BIPT. “Ze kunnen gebruikt worden voor omroep of mobiele diensten. De gemeenschappen willen die frequenties graag voor omroep gebruiken, maar het BIPT verkiest toch het gebruik van mobiele diensten zoals WiMAX en UMTS”. Het gaat dan vooral over internetdiensten en draagbare televisie.
Dat is dan buiten de Vlaamse overheid gerekend, want die wil niet weten van mobiele diensten op de frequenties. “Wij willen die frequenties gebruiken voor de omroep,” zegt Bert Maertens, woordvoerder voor Vlaams minister voor media Geert Bourgeois. “Dat is vorig jaar op Europees vlak overeen gekomen, en als we nu toegeven, dan zijn we die frequenties voor altijd kwijt.” Over de concrete invulling, zoals extra digitale kanalen voor de VRT, wilde hij nog niets kwijt. “Maar het zou zonde zijn als we die frequenties in de toekomst niet voor onze omroep kunnen gebruiken.”
De Waalse overheid van haar kant volgt die redenering. Dat creëert een verschil in visie tussen het BIPT, dat in Genève in naam van België spreekt, en de Belgische staat.
Naar een vrije markt?
Wat de toekenning van licenties betreft, wordt op internationaal vlak gehoopt op een flexibel vrije markt-systeem. “De toekenning van licenties wordt door de lidstaten individueel geregeld, maar de Europese Commissie wil dat bedrijven de rechten op frequenties vrij kunnen kopen en verkopen. De Commissie is geen voorstander van een totale controle van de regulatoren”, zegt Oberst, specialist bij advocatenkantoor Hogan & Hartson.
Daar lijkt de Belgische regulator zich echter niet al te veel zorgen om te maken: “We kunnen de verhandeling van frequenties altijd tegenhouden wanneer het over speculatieve handelingen gaat,” verduidelijkt van Heesvelde.
Bindend akkoord met achterpoortje
Op 16 november, aan het einde van de conferentie, wordt er een slotakkoord ondertekend dat de toekomstplannen voor de frequenties vastlegt. Dat document is echter niet bindend, weet van Heesvelde: “De slotverklaring is eerder een aanbeveling, want uiteindelijk beslist elke staat autonoom wat ze met die frequenties wil doen. Het gaat om een richtlijn, eerder dan om een instructie.” Toch zou het raadzaam zijn om eenzelfde lijn te volgen in het gebruik van de frequenties: “Stel dat een land die frequenties gebruikt voor omroepen, maar het buurland die voor mobiel internet aanwendt. Dat zou coördinatieproblemen kunnen opleveren en daardoor is een rode draad toch wenselijk.”
Volgens Oberst gaat het wel om bindende maatregelen maar is er een achterpoortje: “Op het congres wordt beslist welke diensten op bepaalde frequenties kunnen worden aangeboden, en die beslissingen zijn bindend. Die diensten kunnen door de landen echter verschillend worden geïnterpreteerd en uiteindelijk kunnen de frequenties worden gebruikt op een manier die niet strookt met de slotverklaring van het WTC. Dat kan enkel als ze andere diensten in het land niet stoort; een zogenaamde non-interference-voorwaarde.”
Waaier van mogelijkheden
Onderzoeksbureau Analysys heeft samen met Hogan & Hartson onderzocht wat de mogelijke toepassingen van de frequenties zijn. Dat gaat van digitale televisiekanalen tot mobiele televisie, mobiele telefonie en ‘low power users’ zoals draadloze microfoons. Volgens de onderzoekers zouden een aantal diensten, zoals thuisnetwerken en medische sensoren, zonder licentie gebruik moeten kunnen maken van de frequenties.
In Vlaanderen zijn de frequenties beschikbaar vanaf volgend jaar. “Dan kunnen ze al worden gebruikt voor de nieuwe toepassingen,” zegt van Heesvelde. Voor Wallonië wordt het wachten op 2012. Volgens Analysys kan het digitaal dividend de komende twintig jaar tot 14 miljard euro opbrengen.












