Vlaams parlement geeft MAGDA-platform duw in de rug

Afgelopen woensdag heeft het Vlaams Parlement unaniem een resolutie goedgekeurd die het belang van het e-governmentplatform MADGA onderstreept. Speerpunten zijn de rol van lokale besturen en de bescherming van de privacy. Er is ook meer geld op komst.
De resolutie spreekt onder meer over een ‘structurele onderbouwing’ van het MADGDA-platform. “Tot op heden gebeurde er wel wat voor het platform, maar dat vloeide meer voort vanuit het eigen initiatief van de bevoegde minister,” zegt Vlaams parlementslid Joke Schauvliege (CD&V), die de resolutie mee indiende. “Deze resolutie zorgt ervoor dat de uitvoering van het project gegarandeerd is, ook al zou het in de toekomst onder een andere minister vallen.” Momenteel behoort MAGDA tot de bevoegdheden van Vlaams minister van Bestuurszaken Geert Bourgeois (N-VA).
Volgens Schauvliege zijn twee zaken essentieel: “De ondersteuning is heel belangrijk, zo zou er één aanspreekpunt voor het platform moeten komen. Dat zou best CORVE (Coördinaticel Vlaams e-Government) kunnen zijn.” Daarnaast zijn de lokale besturen belangrijk in het plan: “De gemeenten moeten bewust worden gemaakt van wat er met het MAGDA-platform allemaal mogelijk is,” zegt Schauvliege. “Nu lijkt het alsof ze allemaal het warm water op eigen houtje aan het uitvinden zijn, maar zo’n project kan beter op het gewestelijk niveau worden gestuurd.”
Over het financiële plaatje staat in de tekst te lezen dat “minister Bourgeois kan rekenen op een duwtje in de rug van het parlement”. Hij kan dus meer geld verwachten. “Dat is ook logisch,” zegt Schauvliege. “Als de besturen initiatieven nemen, dan moeten daar ook de nodige financiële incentives tegenover staan. Zij moeten daar de nodige subsidies voor krijgen.”
Een heikel punt is de privacyreglementering van het project. “Dat is zeer belangrijk,” zegt het parlementslid. “Het moet duidelijk zijn wie verantwoordelijk is voor het verwerken van de informatie, en er moet de garantie bestaan dat de privacy gegarandeerd is. Immers, eens de persoonsgegevens circuleren in het MAGDA-systeem, zijn ze in the open. Een strenge reglementering is dan ook nodig.” Daarvoor is een nieuwe privacywetgeving nodig die specifiek op MAGDA is toegespitst. “Een werkgroep op het kabinet Bourgeois is daar nu al mee bezig,” besluit Schauvliege.
Geert Mareels, projectleider van CORVE (De Vlaamse cel voor E-government), toonde zich alvast tevreden over de parlementsbeslissing. “Wreed wijs!”, klinkt het opgetogen op zijn blog. “Een stevige tekst, met flink wat uitdagingen.”
Het MAGDA-platform (Maximale Gegevensdeling tussen Administraties en Agentschappen) werd opgericht op 21 februari 2006. Het systeem staat in het kader van de ‘eenmalige gegevensopvraging’. Dat houdt in dat er via het platform persoonsgegevens van de burger kunnen worden opgevraagd door verschillende beleidsniveaus en agentschappen. De achterliggende filosofie luidt dat de burger daardoor slechts één keer zijn gegevens aan een instantie moet bezorgen, waarna ze door elke overheidsinstelling kunnen worden geraadpleegd. Op die manier zou MAGDA de administratieve lasten kunnen beperken.













