Kan Asterisk uw telefooncentrale vervangen?

Steeds meer bedrijven vertrouwen in openbronsoftware voor belangrijke, zelfs bedrijfskritische taken. Maar een telefooncentrale is nog wat anders dan een webserver. Is Asterisk vandaag een realistisch alternatief? Rond die vraag organiseerde Profoss een tweedaagse conferentie in Brussel.
Als het competent wordt geïnstalleerd, is Asterisk even betrouwbaar als een traditionele telefooncentrale, zo vertelden verschillende sprekers. "Het probleem is dat het Asterisk aanbod te gefragmenteerd is", zegt Carmelo Zaccone, telecom-expert bij het Agence Wallonne des Télécommunications (AWT), een Waalse overheidsdienst die ICT-advies verleent aan ondernemingen.
Er zijn heel wat bedrijfjes die Asterisk-installaties uitvoeren of die een eigen appliance op basis van Asterisk verkopen. Die dienstenbedrijven zijn vaak heel klein en hebben niet altijd specifieke kennis rond telefonie, merkt Zaccone op. Al zijn er ook wat grotere Belgische aanbieders zoals Eyepea en Novacom.
"Asterisk is geen PBX, het is een telefonietoolset", waarschuwde Jordi Nelissen tijdens zijn presentatie op de Profoss Asterisk conferentie. "Je kunt er een PBX mee bouwen." Dat is wat Escaux doet, het bedrijf waar Nelissen mede-oprichter van is.
Asterisk kan in heel wat verschillende situaties en configuraties worden gebruikt. Meestal wordt een pc voorzien van uitbreidingskaarten met ISDN-lijnen. Die pc doet dan dienst als een traditionele telefooncentrale. Op het LAN verlopen interne gespreken via IP, maar buitengaande gesprekken gaan de ISDN-lijn op. Asterisk kan echter ook worden ingezet in bedrijven die geen traditionele telefoonlijnen (meer) hebben en zijn aangesloten op een VoIP-operator.
Complex
Asterisk configureren, bijvoorbeeld om te bepalen hoe oproepen worden doorverbonden, vereist het manueel aanpassen van configuratiebestanden, zegt Jordi Nelissen. Tenzij men gebruik maakt van de vele beschikbare beheertools voor Asterisk, maar die zijn niet op elkaar afgestemd. Nelissen wijst nog op een andere beperking: terwijl heel wat merkgebonden IP PBX-systemen in staat zijn om nieuwe SIP-telefoons op het netwerk automatisch te configureren, vergt dat met Asterisk heel wat handwerk.
Het resultaat van dit alles is dat Asterisk lang niet altijd goedkoper uitvalt dan een gewone centrale, zegt Nelissen. "Als je gewoon telefonie wilt doen met zestien lijnen, dan is een traditionele PBX goedkoper dan een IP PBX", zegt hij.
"Toch is Asterisk stabieler en qua functionaliteit rijker dan de meeste merkgebonden IP-telefonieoplossingen", voegt hij eraan toe. "Met goede SIP-telefoons kun je betere prestaties krijgen dan met centrales van Cisco of Avaya, en met goedkope telefoons van 30 euro heb je nog altijd een betere kwaliteit dan Skype."
“Enige Linux kennis wel nodig”
“Ik heb zelf een beetje Linux-kennis, en dat heb je wel nodig om Asterisk te installeren”, zei Asterisk gebruiker Gautier Hankenne tijdens zijn presentatie. Hankenne is graficus bij Eurofer, en is in die organisatie ook verantwoordelijk voor de Asterisk-centrale. Eurofer is de Europese confederatie van de ijzer- en staalindustrie. De organisatie heeft een dertigtal medewerkers in België, die veel internationaal moeten bellen.
Toen de organisatie verhuisde, werd beslist op VoIP over te schakelen. Daarbij besloot de organisatie te kiezen voor open source en open standaarden, om onafhankelijk te zijn van de leverancier. Asterisk lag dan voor de hand, zegt Hankenne, omdat er een grote gemeenschap rond actief is en de software dus snel evolueert. “Wij zijn niet bang van openbron”, zegt Hankenne, “want wij hebben al lang een aantal openbronservers, onder meer voor LDAP (Lightweight Directory Access Protocol).”
Eurofer besloot de software zelf te installeren en geen appliance met Asterisk te kopen. “Wij wilden voor de hardware bij onze leverancier Bull blijven”, aldus Hankenne. De basisconfiguratie werd in februari 2007 verzorgd door een externe consultant, Hankenne doet nu de verdere configuratie. Op dit moment verlopen de meeste telefoons over veertien ISDN-lijnen die toekomen in de Asterisk server. Maar op termijn wil Eurofer zo veel mogelijk uitgaande telefoons via VoIP laten gebeuren.
Het belangrijkste probleem dat Eurofer tegenkwam, had te maken met hardware: niet alle ISDN-kaarten en niet alle SIP-gebaseerde VoIP-telefoons bleken goed te werken met Asterisk. Een ander probleem dat hij signaleert: de documentatie voor sommige speciale features, is zwak gedocumenteerd. Hankenne wijst er ook op dat de keuze van de juiste Voice over IP provider heel belangrijk is. “De eigenschappen lopen erg uit elkaar. Sommige aanbieders wissen de Caller ID-informatie gewoon, en de meeste ondersteunen geen oproepen naar mobiele telefoons.”
Verdere evolutie
Achter Asterisk zit een commercieel bedrijf, Digium, een fabrikant van ISDN-kaarten. Digium brengt ook een commerciële versie van de software uit, maar die verschilt op heel wat punten van de (gratis) openbronversie.
Kevin Fleming, director of software technologies bij Digium, geeft toe dat Asterisk in wezen een toolset is, geen afgewerkt product. “En zo is het ook bedoeld”, zegt hij. Digium kocht wel onlangs een bedrijf dat een op Asterisk gebaseerde centrale voor KMO’s verkoopt. “Om een service level agreement te kunnen bieden, moet je een packaged oplossing hebben”, geeft Fleming toe. “Wij bij Digium hebben op dat vlak nog een weg te gaan. Vandaag zijn het nog componenten.”
Het openbronmodel heeft bovendien een aantal andere nadelen, geeft hij grif toe. Zo maakt Digium geen enkele belofte over welke functies in de volgende versie zullen zitten. Een stabiele API die van versie tot versie bewaard blijft, is er ook niet.
Aan de andere kant ziet Fleming weinig beperkingen aan wat met Asterisk kan worden gerealiseerd. De grootste installatie telt momenteel zo’n 10.000 aansluitingen, zegt hij.













