Intel antwoordt op beschuldigingen Europese Commissie

Intel heeft vandaag bij de Europese Commissie een antwoord ingediend op de beschuldigingen over monopolistisch gedrag. De chipfabrikant had oorspronkelijk tijd gekregen tot 8 oktober om een antwoord te formuleren, maar kreeg uitstel tot 4 januari, en vervolgens tot 7 januari.
In juli vorig jaar beschuldigde de Europese Commissie Intel van misbruik van zijn dominante marktpositie. Het ging om drie concrete beschuldigingen. Ten eerste zou Intel bepaalde computerfabrikanten korting hebben gegeven bij de aankoop van processors, op voorwaarde dat ze exclusief of bijna exclusief Intel-processors zouden kopen – en dus geen processors van concurrent AMD. Intel zou ook in een aantal gevallen betaald hebben om te voorkomen dat fabrikanten een op AMD-chips gebaseerde productlijn lanceren. En ten derde zou Intel zijn serverchips in een aantal gevallen onder de kostprijs hebben verkocht. De beschuldigingen werden geuit in een zogenoemd statement of objections.
Een woordvoerder van Europees commissaris voor concurrentie Neelie Kroes bevestigt dat men inderdaad het antwoord van Intel heeft ontvangen. Maar de Commissie geeft voorlopig geen commentaar op de inhoud ervan. Bij Intel heeft men evenmin commentaar.
Wat de volgende stappen zullen zijn, kan de woordvoerder van Kroes ook niet vertellen. ‘Intel mag een hoorzitting vragen, en dat gebeurt dan meestal binnen een maand’, aldus de woordvoerder. Daarna kan eventueel nog een nieuw statement of objections volgen, met opnieuw een antwoord van Intel. ‘Uiteindelijk kan het komen tot een boete voor Intel, maar daar zijn we nog ver van verwijderd’, aldus de woordvoerder.











