Nieuws

De CIO in cijfers

 

De cijfers die in dit artikel worden gebruikt, zijn afkomstig van West Trax, een Brits-Duits bedrijf gespecialiseerd in ERP-optimalisatie en in ERP-gericht onderzoek. Ook onderzoek rond de positie en visie van de CIO hoort tot het onderzoeksveld. Zo heeft West Trax-medewerker Johan Conix vorig jaar twee studies uitgevoerd bij de leden van CIOnet, een organisatie die Belgische CIO’s verenigt. Hoewel de respons vrij laag was (dertig respondenten voor de eerste studie, ruim vijftig voor de tweede), is het onderzoek niet zonder waarde, omdat het voor de eerste maal cijfermateriaal oplevert dat rechtstreeks vergelijkbaar is met een buitenlandse studie. Niet toevallig overigens, aangezien de vragenlijst gebaseerd was op die van het Amerikaanse magazine CIO Magazine. Daarom willen we u de belangrijkste conclusies niet onthouden.

1. De CIO schuift een bank vooruit…

In vergelijking met vroegere studies hoeft de CIO niet zo vaak meer aan de CFO (Chief Financial Officer) of aan de COO (Chief Operations Officer) te rapporteren. 43 procent van de Belgische CIO’s rapporteert rechtstreeks aan de CEO, en nog eens 17 procent rapporteert aan een CIO op corporate niveau. Dat betekent dus dat zes op de tien CIO’s rechtstreeks met het hoogste niveau in contact staat. Een schril contrast met vroegere studies waaruit bleek dat de Belgische CIO in een verdomhoekje in de financiële afdeling werd gestopt.
Nog opvallender is dat slechts 41 procent van zijn Amerikaanse collega’s, volgens de resultaten van CIO Magazine, in deze bevoorrechte positie staat. België staat er dus op hiërarchisch vlak beter voor dan de Verenigde Staten.

2. … maar moet wel zijn mond houden

Op de vraag of ze een zitje hebben in het uitvoerende managementcomité antwoordt nog steeds 57 procent negatief. Hier is het verschil met de Verenigde Staten opmerkelijk: meer dan twee derde van de CIO’s (68 procent) heeft een zitje in het managementcomité, en kan dus concreet invloed uitoefenen op het beleid van het bedrijf.
Hoewel de Belgische CIO dus vaker rechtstreeks rapporteert aan de CEO, blijkt hij minder vaak zeggenschap te hebben in het bedrijf. Het belang van ICT wordt dus wel hoger ingeschat dan in het verleden, maar de CIO geniet nog niet het volle vertrouwen als business partner.
Volgens Johan Conix heeft dit veel te maken met het “operationele” imago dat de CIO nog steeds met zich meezeult: “Forrester stelt algemeen vast dat de CEO’s wel tevreden zijn met IT en met de CIO’s maar minder tevreden over de rol van de CIO als vernieuwer en als procesverbeteraar. Dat geldt dubbel voor de Belgische CIO. (zie ook punt 3, nvdr) En daarom wordt hem voorlopig nog geen plaats in het managementcomité gegund.”
Maar is het niet in het managementcomité dat de CIO zijn rol als vernieuwer beter kan uitvoeren, omdat hij daar meer zeggingskracht krijgt? “Niets belet hem om al voorstellen te doen, hé”, reageert Conix: “het komt erop aan te tonen dat je je plaatsje in dat comité waard bent. En dat kan alleen als je regelmatig genoeg bewijst dat je de business echt begrijpt.”

 

 

3. De CIO is een techneut

Het grootste verschil tussen de Belgische CIO en zijn Amerikaanse collega blijkt in zijn carrièreverloop te schuilen. Slechts 26 procent van de Belgische CIO’s heeft ervaring in een functie buiten de IT-afdeling. Uit de Amerikaanse enquête blijkt dat maar liefst 57 procent van de CIO’s al buiten de IT-afdeling heeft gewerkt.
“Natuurlijk heeft dit een impact op de bereidheid van een bedrijf om een CIO in het managementcomité toe te laten,” merkt Conix op: “Iemand met ervaring buiten de IT-afdeling zal al snel meer geloofwaardigheid genieten als volwaardige business partner dan iemand die zijn hele leven binnen de IT-afdeling heeft gespendeerd, zeker als die dan ook niet helemaal de businesstaal machtig is.” Conix pleit dan ook volop voor het invoeren van medewerkers met uitstekende soft skills binnen het IT-departement: “IT-kennis kan je leren, maar emotionele intelligentie en communicatievaardigheden kan je hooguit bijsturen, niet echt aankweken.”

4. De CIO is loodgieter, geen architect

Op de vraag welke managementprioriteiten de CIO als doel heeft gesteld, scoort zowel in België als in de VS het antwoord ‘ het op elkaar afstemmen van IT- en businessprocessen’ het hoogst. Maar de volgende prioriteiten verschillen bijzonder opvallend. Op nummer twee voor de Amerikaanse CIO staat: ‘door IT ondersteunde verbetering van de bedrijfsprocessen’. Bij de Belgische CIO scoort deze prioriteit pas de achtste plek, voorafgegaan door vooral operationele beslommeringen zoals business continuity, kostenbeperking enzovoort. Natuurlijk kan ook hier weer de vraag worden gesteld of deze prioriteiten niet gewoon worden opgelegd, maar deze lijst van prioriteiten bevestigt het verschil in imago tussen de Belgische CIO en zijn overzeese collega. Zolang je prioriteiten eerder in het operationele liggen dan in het vernieuwende, zal je nooit tot een volwaardige gesprekspartner op businessniveau uitgroeien, zo lijkt het.

Conclusie

De studie van CIOnet mag dan onvoldoende uitgebreid zijn om wetenschappelijk genoemd te worden, enkele van de cijfers spreken toch boekdelen. IT in de Belgische bedrijven blijkt wel aan belang te winnen (meer CIO’s rapporteren rechtstreeks aan de CEO dan in de VS) maar de CIO toont nog onvoldoende voeling met de business om een plaatsje te kunnen opeisen in het managementcomité. Eén van de mogelijke verklaringen hiervoor is dat slechts een minderheid van de CIO’s al buiten de IT-afdeling heeft gewerkt. De huidige generatie CIO’s doet er dus goed aan om voldoende ruimte te bieden aan mensen uit andere afdelingen in zijn IT-afdeling zodat alvast dit probleem op termijn vanzelf wordt weggewerkt.

 

businessitprofessionalnieuwssmartbusinesszakelijk

Gerelateerde artikelen

Volg ons

Bekijk de huidige aanbiedingen bij Coolblue

Bekijk de huidige aanbiedingen bij Coolblue

👉 Bekijk alle deals