Wat is de toekomst voor de Business Intelligence markt?

‘Is dit het einde van de BI-markt?’ Deze vraag werd meermaals gesteld toen op enkele maanden tijd drie grote spelers uit deze markt werden overgenomen: Hyperion (door Oracle), Business Objects (door SAP) en Cognos (door IBM). Het antwoord is heel eenvoudig: neen. De markt mag dan wel goeddeels onthoofd zijn, er blijven nog voldoende spelers achter om een volwaardige markt te garanderen. Analistenbureau Gartner spreekt over een ‘mature’ markt, op basis van het aantal overnames en een verminderde groei. Maar deze groei zou nog steeds dubbele cijfers bedragen, meent ook Gartner zelf, dus er is vooralsnog geen reden om over een slabakkende markt te spreken. Vooral omdat diverse vormen van BI, die elk op zich meer dan levensvatbaar zijn, een eigen leven zijn gaan leiden. Hieronder volgt een overzicht.
Teken van leven 1: Analyse
Voor velen is analytische software, of datamining zo u wil, iets anders dan BI: het gaat op zoek naar verbanden tussen op het eerste gezicht losstaande gegevens, terwijl BI net binnen de grenzen van het gekende op zoek gaat naar trends en vooral of deze ‘trends’ even goed of beter zijn dan de gestelde objectieven (KPI’s). Maar uiteindelijk gaat het om hetzelfde: uit de beschikbare gegevens haalt u zoveel mogelijk informatie die u in staat moet stellen de best mogelijke beslissingen te nemen voor uw bedrijf. In het geval van datamining betreft dit meer dan het bijsturen van de objectieven, hier bent u vooral op zoek naar manieren om een concurrentieel voordeel te verwerven.
Voorlopig zijn het vooral de allergrootste bedrijven die naar dergelijke software op zoek zijn, maar het laat zich vlot voorspellen dat ook hier een democratisering op gang zal komen, naarmate zulke software betaalbaarder wordt en vooral naarmate de zondvloed aan gegevens ook voor kleinere bedrijven steeds onoverzichtelijker wordt.
Teken van leven 2: Verticaal
Verticale of sectorspecifieke BI wordt door velen als de volgende melkkoe in de BI-weide bestempeld. Net zoals SAP groot is geworden met zijn specifieke ERP-versies per sector, zo hopen diverse bedrijven ook hun intelligentiesoftware per sector te kunnen slijten en zich zo een weg naar de top te banen. Bedrijven als Cognos, Business Objects en SAS Institute zijn al jaren bezig met dergelijke verticalisering, maar met de overnames van SAP en Oracle lijken deze sectorspecifieke BI-pakketten nog in een stroomversnelling te geraken.
En dan hebben we nog de vele lokale spelers die zich toespitsen op specifieke BI-problemen in specifieke sectoren. Ook deze worden door Gartner een lang leven toegedicht. In België is er bijvoorbeeld het Limburgse i.know, dat gespecialiseerd is in het zoeken naar relevante informatie en verbanden tussen gegevens, en daardoor bijvoorbeeld teksten op een zinvolle manier automatisch kan samenvatten. Uiteraard kan dit enkel wanneer eerst een uitgebreide index wordt gemaakt van alle relevante termen, en is dit dus enkel toepasbaar in die specifieke vakgebieden waarvoor zulk indexeringssysteem is opgebouwd.
Teken van leven 3: Geïntegreerde of embedded BI
BI zal in toenemende mate een rol gaan spelen als onderdeel van andere toepassingen, vaak zelfs zonder dat de eindgebruiker beseft dat hij ‘business intelligence’ aan het gebruiken is. Het meest gekende voorbeeld hier is Amazon dat u vertelt bij een bepaald boek welke andere boeken het vaakst zijn bekeken door mensen die ook deze pagina hebben bezocht. Maar er zijn ook andere voorbeelden mogelijk: een kassa die bij het invoeren van de klantcode al aangeeft hoe vaak deze klant de winkel al heeft bezocht, een automecanicien die een overzicht krijgt van de storingen die het vaakst optreden tegelijk met het euvel dat hij aan het verhelpen is.
Dit type van business intelligence was het snelst groeiende segment in de hele BI-markt in 2006, volgens analistenbureau Gartner, en dat zal wellicht in 2007 niet anders geweest zijn.
Teken van leven 4: CPM
Als we de marketingmachine van de traditionele BI-leveranciers mochten geloven, was business intelligence al langer de technologie van het verleden. De toekomst ligt in Business Performance Management (BPM) of Corporate Performance Management (CPM), de softwaresuite die BI koppelt aan budgettering en planning, rapporten en analyses. Zo krijgt u één softwarepakket dat een continue cyclus beheert van inzicht in hoe men presteert, waarom men goed of slecht presteert, en welke stappen moeten worden genomen om in de toekomst beter te presteren.
Het beste bewijs dat CPM een groeimarkt is voor BI is wel dat Microsoft zich ook op deze markt heeft gestort. Eind vorig jaar lanceerden ze PerformancePoint Server 2007, een CPM-pakket overgoten met een typisch Microsoft-sausje: eenvoudige interface, hechte integratie met SQL Server, Excel en Outlook, alles dat op termijn borg staat voor succes in de kleinere ondernemingen. Ook in de CPM-markt zal het nog wel enkele jaren duren eer Microsoft dit helemaal voor elkaar krijgt, maar de zaadjes zijn al geplant.
Zoals steeds rijst ook hier de vraag of dit wel een vorm van BI mag worden genoemd. Het bereik van CPM is immers zoveel groter. Maar net als bij analyse kunnen we ook hier van een logisch verband spreken: zowel BI als CPM maken van de beschikbare informatie gebruik om de best mogelijke beslissingen te nemen. CPM en analytische software pochen met hun voorspellende mogelijkheden maar uiteindelijk zijn ook die nauwelijks meer dan een extrapolatie van gegevens uit het verleden.
Teken van leven 5: Uzelf
“Kijk maar naar de cijfers,” vraagt Ad Voogt, Cognos VP voor EMEA, “alle BI-spelers kennen nog een gezonde groei, of ze nu overgenomen zijn of niet. Dat is al een eerste teken van leven.” Maar even belangrijk vindt Voogt dat de BI-leveranciers nog absoluut geen plannen hebben om de prijzen van hun producten te verlagen, wat meestal toch een eerste indicatie is van een doodbloeiende markt.
En met reden. Zelfs na de vele overnames blijkt nog een groot deel van de bedrijven niet eens over een BI-pakket te beschikken. Voor een meerderheid van de KMO’s staat BI nog steeds synoniem met queries binnen Excel. Zelfs de overgenomen BI- bedrijven weten dus niet waar eerst gemikt om alle potentiële klanten nog binnen te halen. Bovendien blijkt bij de bedrijven die wel een BI-pakket in huis hebben, slechts een klein percentage van de werknemers dit te gebruiken. Nochtans zijn alle leveranciers het erover eens dat een merendeel van de werknemers wel degelijk baat heeft bij inzicht in de bedrijfsgegevens. Ook hier liggen dus nog gigantische ‘upselling’-opportuniteiten. Vandaar dat nu bijvoorbeeld heel hard wordt gewerkt aan de uitbreiding van BI-functionaliteit naar mobiele platforms (PDA, GSM, …) en naar zoekmotors zoals Google.
Oordeel van de arts:
BI is nog lang niet dood. Zelfs voor de meest elementaire taken – query en reporting – ligt nog een hele markt open. Maar tegelijk ligt de weg wijd open voor nieuwe vormen van ‘BI’: performance management (waarin BI gekoppeld wordt aan planning en budgettering), analytische software (datamining), geïntegreerde (‘embedded’) BI en tal van verticale toepassingen. De patiënt is springlevend verklaard en heeft nog enkele mooie jaren voor de boeg.












