Windows 11 krijgt handige privacyfuncties die je per app kan instellen

Microsoft lijkt Windows 11 eindelijk de mogelijkheid te geven om desktopapps afzonderlijke privacyinstellingen te geven (via Windows Latest). In de jongste Experimental-bètaversie kan je bij Instellingen > Privacy en beveiliging bepalen welke apps al dan niet toegang krijgen tot je microfoon, camera en locatie. Dat was tot nu toe beperkt tot Microsoft Store-apps (Foto’s, Mail en Agenda, Microsoft 365 Copilot, Teams …), terwijl je voor bureaublad-apps gewoon één algemene keuze had.
In die experimentele versie van Windows 11 staan de Win32-apps die voorheen onder de gemeenschappelijke noemer stonden nu gewoon afzonderlijk opgelijst. Daardoor kan je dus per app instellen of ze al dan niet toegang krijgen tot de microfoon, camera en/of locatie.
In dezelfde lijn toont Windows 11 nu ook een pop-up-venster om je te vragen of bijvoorbeeld Microsoft Edge of Chrome toegang mag krijgen tot je microfoon. Ook dat gebeurde tot nu toe niet bij Win32-apps.
Deze nieuwigheden zijn voorlopig enkel beschikbaar in Build 26340.9212, die op 17 augustus beschikbaar kwam in het Experimental-kanaal. Niet elke Insider ziet deze functies in zijn bètaversie opduiken. Zo meldde één gebruiker dat hij de functie Win32SignatureIdentity (60730253) moest inschakelen Het is dus ook niet absoluut zeker dat dit tot in de definitieve versie raakt.










