Onderzoekers ontwikkelden een zelfvernietigingsmechanisme voor elektronica. Na een signaal kan het binnenwerk van je gadget zichzelf oplossen totdat er niets van over blijft.

Niet alleen scientology-spionnen hebben baat bij zelfvernietigende gadgets. Met de massa aan elektronica die onze maatschappij verslijt is het vooral het milieu dat snakt naar toestellen die zichzelf doen verdwijnen wanneer ze niet meer nuttig zijn. Onderzoekers van de universiteit van Illinois in de VS ontwikkelden een systeem waardoor het binnenwerk van een gadget zichzelf kan oplossen zodat er nauwelijks nog afval (of bewijsmateriaal) overblijft.

Warmte en zuur

De wetenschappers onder leiding van professor Scott White bouwden simpele toestelletjes die zelfmoord plegen na het krijgen van een radiosignaal. Hitte en zuur zijn de moordenaars van dienst. Het testtoestel bestaat uit elektronische circuits, gemaakt uit magnesium. In het midden van het circuit bevindt zich een warmte-element dat geactiveerd wordt door een specifiek radiosignaal.

De elektronische componenten zelf zijn dan weer ingesmeerd met een speciaal laagje was. De gebruikte was verschilt van wat je kaars thuis produceert dankzij de minuscule droppeltjes zuur die er in werden opgelost. In de was is het zwakke zuur schadelijk, maar zodra het hitte-element zijn werk begint te doen smelt de was en komt het zuur vrij. Dat reageert met het toestel totdat er niets meer van over blijft. Al naargelang de dikte van de wascoating en de gebruikte hoeveelheid zuur duurt het twintig seconden tot enkele minuten om een testtoestelletje op te lossen.

Milieubewust

Door diverse onderdelen van een gadget of sensor in verschillende soorten was te coaten krijgen de wetenschappers meer controle over welke onderdelen wanneer worden vernietigd. De was reageert dan op verschillende temperaturen, zodat een heel toestel niet in één keer wegsmelt.

White en zijn collega’s hopen dat hun onderzoek de weg plaveit naar nieuwe toestellen die op z’n minst gedeeltelijk verdwijnen wanneer ze hun levenseinde hebben bereikt. Zo hopen ze dat er meer en meer materiaal kan gerecycleerd worden, en de vuilnisbelten minder snel vol raken.