Verzekeringsmaatschappijen maken steeds meer gebruik van sociale media om fraude op te sporen. Dat schrijft Het Laatste Nieuws. Als een maatschappij vermoedens heeft dat iemand de boel probeert te belazeren, monitoren de bedrijven ook de Facebook-accounts van de betrokkene om te zien of hij of zij zich wel houdt aan de polisvoorwaarden. "Wie zogezegd arbeidsongeschikt […]

Verzekeringsmaatschappijen maken steeds meer gebruik van sociale media om fraude op te sporen. Dat schrijft Het Laatste Nieuws.

Als een maatschappij vermoedens heeft dat iemand de boel probeert te belazeren, monitoren de bedrijven ook de Facebook-accounts van de betrokkene om te zien of hij of zij zich wel houdt aan de polisvoorwaarden. "Wie zogezegd arbeidsongeschikt is, maar een bericht achterlaat dat hij beachvolley gespeeld heeft, maakt zichzelf verdacht," zegt Wauthier Robyns van Assuralia.

Ook wie op Facebook schrijft dat hij weer eens gerookt heeft, terwijl hij zich voor de verzekering als niet-roker heeft opgegeven, kan tegen de lamp lopen.

"Bij vermoeden van oplichting gebruiken we alle mogelijke informatiebronnen. Ook sociale media", aldus Robyns. Daarvoor schakelen de maatschappijen regelmatig ook privédetectives in. "Vaak ontdekken we dat twee partijen in een dossier elkaar blijken te kennen op Facebook of dat een "onafhankelijke getuige" een vriend van een van de partijen is", vertelt Jan Claus van het Antwerpse detectivebureau Claus en Partners.

Geen hard bewijs
Als blijkt dat iemand de verzekering probeert te misleiden, dan kan de verzekeraar het dossier zelfs aan het parket doorspelen. "Poging tot oplichting is namelijk strafrechtelijk vervolgbaar", waarschuwt Robyns in Het Laatste Nieuws.

Volgens Claus leveren sociale media meestal geen harde bewijzen op. "Wij mogen ook enkel putten uit de informatie die mensen vrij voor iedereen beschikbaar stellen. Mensen in de val lokken door met hen online in contact te treden, mag niet."