Blinde vlekken Brussels fietsbeleid ontdekt met Strava, al is er één grote maar

Hoe fietsinfrastructuur gepland of aangepast moet worden, baseren overheden steevast op verplaatsingsdata van fietsers. Ze analyseren hoeveel fietsers ergens rondrijden om knelpunten of andere issues tijdens de rit te onderzoeken. Het grote nadeel van bestaande methode is echter dat de gegevens die daarvoor gebruikt worden, lang niet altijd representatief zijn: er worden simpelweg te weinig tellingen uitgevoerd.
In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zijn bijvoorbeeld maar achttien vaste meetpunten. Voorts wordt er nog handmatig geteld, maar ook dat gebeurt niet op grote schaal, stellen onderzoekers van de VUB. Ze keken daarom naar andere manieren om de fietsstromen te onderzoeken en daarmee blinde vlekken in het verkeersbeleid op te sporen.
De huidige, zeer beperkte tellingen werken immers blinde vlekken in de hand, klinkt het. Ook net omdat ze vaak geplaatst zijn op plekken waar al een afgescheiden fietspad ligt. Op plekken waar net die veilige infrastructuur ontbreekt, vind je ze niet.
Daarvoor grepen de onderzoekers naar de data van activiteitentracker Strava. Daarin leggen fietsers hun ritten vast. Blijkbaar zelfs zoveel dat de onderzoekers er heel wat blinde vlekken uit konden opmaken voor het Brusselse fietsbeleid. Dat werd dan weer niet één-op-één overgenomen: de onderzoekers hebben de Strava-data gekoppeld aan andere meetdata en daarmee een ML-model getraind, dat voor elke Brusselse straat een ‘realistisch fietsvolume’ kan tonen.
Twee prioriteiten gevonden
Dat wees, zoals gezegd, meteen op blinde vlekken in het fietsbeleid. Zo ontdekten de VUB-onderzoekers de nodige ontbrekende schakels: plaatsen waar infrastructuur plots wordt onderbroken, bijvoorbeeld langs het kanaal. Fietsers blijven daar dan wel gewoon doorrijden, maar dan zonder (veilige) infrastructuur.
Een ander knelpunt zijn nieuwe verkeersaders die niet ontdekt worden bij normale tellingen. Het gaat dan onder andere om de Dansaertstraat of de Troonlaan, waar “veilige afgescheiden infrastructuur op cruciale segmenten nog ontbreekt”, zeggen de onderzoekers.
Kanttekening bij het onderzoek
Wel valt er wat op te merken aan de data die de VUB-onderzoekers gebruiken. Strava wordt namelijk vooral gebruikt door mensen die langere ritten fietsen, of dat nu voor het werk is of voor andere activiteiten. Wie een kort ritje maakt voor de boodschappen, schakelt daar niet eerst Strava voor in. De data geeft daarom misschien een vertekend, of in ieder geval geen volledig beeld.
De onderzoekers geven dit zelf ook aan in het onderzoek. Toch kozen ze ervoor om de Strava-data in te zetten: het geeft hoe dan ook, zelfs als het niet compleet is, een scherp beeld van punten in het fietsbeleid die aandacht verdienen.











