Slechts 55 procent van de Nederlandse jongeren is actief op sociale netwerken. Dat is veel minder dan het Europese gemiddelde. Dit blijkt uit cijfers van Eurostat, het statistiekenbureau van de Europese Unie dat onderzoek deed naar de internettoegang en het gebruik van internet onder meer dan 200.000 Europeanen in 27 landen. Opvallend is dat Nederlandse […]

Advertentie

Slechts 55 procent van de Nederlandse jongeren is actief op sociale netwerken. Dat is veel minder dan het Europese gemiddelde.

Dit blijkt uit cijfers van Eurostat, het statistiekenbureau van de Europese Unie dat onderzoek deed naar de internettoegang en het gebruik van internet onder meer dan 200.000 Europeanen in 27 landen.

Opvallend is dat Nederlandse jongeren, tot 24 jaar, relatief weinig chatten en posten op sociale netwerken of blogs. Slechts 55 procent. Polen scoort het hoogst met 94 procent, gevolgd door Slovenië en Portugal met telkens 90 procent. Ook de leeftijdsgenoten uit de buurlanden zijn veel actiever. In Duitsland is 88 procent van de jongeren actief, en in België 70 procent.

Deze trend zit zich eveneens voort in oudere leeftijdsgroepen. Van de 25-54-jarigen is in Nederland maar 26 procent actief, en vanaf 55 jaar zakt dit naar 13 procent. Dit zijn de slechtste scores. In België zijn respectievelijk 35 en 19 procent van die groepen ‘sociaal’.

Breedband verdubbeld
Uit de cijfers over internettoegang blijkt dat het aantal breedbandverbindingen sinds vier jaar verdubbeld is. In 2006 had 30 procent van de huishoudens een snelle aansluiting, tegenover 61 procent in het eerste kwartaal van 2010.

Opmerkelijk is ook dat huishoudens met kinderen vaker toegang hebben, 84 procent tegenover 65 procent. In Nederland heeft 99 procent van de huishoudens met kinderen internet (samen met Finland de hoogste score), in België is dat 84 procent.

Nederland scoort ook het hoogst met de toegang tot internet. In 2010 heeft 91 procent toegang, ten opzichte van 80 procent in 2006. In België is dit 73 tegenover 54 procent. Het Europese gemiddelde in 2010 ligt op 70 procent.