Bird, Lime, Lyft, en JUMP mogen dan toch allemaal elektrische scooters gaan beheren in Santa Monica. De beslissing kwam er nadat Bird en Lime in beroep gingen tegen een eerdere beslissing.

Advertentie

Santa Monica, in de Amerikaanse staat Californië, heeft aan Bird, Lime, Lyft en JUMP (dat deel uitmaakt van Uber) de toestemming gegeven om elektrische scooters beschikbaar te maken in de stad. Het gaat om een pilootprogramma dat op 17 september begint en 16 maanden zal duren.

Eerder deze maand besloot de stad nog dat enkel Lyft en JUMP toestemming zouden krijgen, maar op die beslissing is ze nu terug gekomen. Er kwam immers veel protest van Bird en Lime. Beide diensten zijn al langer beschikbaar in Santa Monica en vonden het niet kunnen dat zij plots opzij geschoven werden voor bedrijven met meer ervaring in de transportsector. De beslissing werd verder ook genomen op basis van de voorgestelde plannen van elk bedrijf en de duur van de implementatie daarvan.

Lime protesteerde door hun dienst tijdelijk op non-actief te zetten, terwijl Bird haar gebruikers een email stuurde met de oproep om persoonlijk het stadsbestuur te contacteren en hun ongenoegen te delen. Beide bedrijven organiseerden samen ook een bijeenkomst op het gemeentehuis van de stad.

Met succes dus want Bird en Lime krijgen nu de toestemming om elks 750 elektrische scooters te beheren in de stad. Voor Lyft en JUMP zijn dat 250 scooters en 500 fietsen. Uber liet eerder deze week al weten dat de toekomst van het bedrijf in individuele vormen van transportatie ligt. Het bedrijf kocht in april JUMP al voor 200 miljoen dollar en investeerde vorige maand 335 miljoen dollar in een investeringsronde van Lime, dat zijn scooters in de toekomst van Uber branding zal voorzien.

Een snelle internationale expansie van de verschillende diensten lijkt er alvast aan te komen. Binnenkort ook in België?


Gerelateerde artikelen

100.000 Belgen getroffen door Uber-hack

Bij de 57 miljoen Uber-klanten en –chauffeurs waarvan persoonlijke gegevens werden gestolen, zaten 100.000 Belgen.