Wie niets van het register kent, blijft er beter uit weg. Loop je er niet in verloren, dan kan een programma als RegFromApp je helpen om wijzigingen te traceren.

Videostreaming zoals Netflix en YouTube wordt steeds populairder in Amerika, maar moet het toch nog ruim afleggen tegenover lineaire tv.

Uit marktonderzoek van het consumentenonderzoeksbureau Nielsen blijkt dat de gemiddelde Amerikaanse consument ongeveer 20% van zijn totale televisietijd spendeert aan videostreaming. Die cijfers representeren het laatste kwartaal van 2019. Het jaarlijkse Total Audience Report legde voor het eerst de focus op videostreaming, naar eigen zeggen omdat tijdens deze periode de ‘streamingoorlog’ helemaal losbrak. Maar toch moet videostreaming het nog afleggen tegen lineair televisie kijken.

Binnen de categorie videostreaming blijft Netflix nog met enige afstand de grootste, met een aandeel van 31%. YouTube is de dichtste achtervolger met een aandeel dat net boven de 20% uitkomt, Hulu en Amazon komen helemaal niet in de buurt. Van Disney+ is geen apart percentage gekend, dat is onder de categorie ‘Overig’ ondergebracht. Door die overvloed aan streamingdiensten, hadden Amerikaanse televisiekijkers toegang tot 646.152 verschillende programmatitels. Daarvan is een tiende exclusieve content die op videostreamingplatformen wordt aangeboden.

Betaalde abonnementen

Het onderzoeksrapport voegt nog een survey toe bij 1000 Amerikanen over het bezitten van betaalde abonnementen op streamingdiensten. Voor videostreaming had 91% van de ondervraagde mensen minstens één abonnement, en 30% had zelfs drie of meerdere. Voor de leeftijdsgroep van 18 tot 34 jaar waren die percentages zelfs 96% en 47%.

De studie bevat ook enkele gegevens over audiostreaming. 64% van de smartphonegebruikers zou wel eens gebruik maken van muziekstreamingsites zoals Spotify, en 25% van de tabletgebruikers. Ook dat is nog ver achter de 92% die naar de radio luistert. 63% van de respondenten hebben minstens één betaald abonnement voor een audiostreamingplatform, net iets meer dan de helft heeft er meerdere.

Meer schermtijd

De laatste conclusies van het onderzoek gaat over het aantal uren schermtijd, dat ook bij Amerikaanse consumenten steeds groter wordt. Volgens Nielsen zou de gemiddelde Amerikaan zo’n 12 uur per dag in contact komen met schermen, zei het televisies, smartphones, laptops etc. Dat aantal is met bijna 1,5 uur gestegen tegenover 2018.

Dat betekent dat we bijna alle uren dat we op een dag wakker zijn wel op één of andere manier naar een scherm aan het turen zouden zijn. Zo hebben marketeers in theorie de hele dag door de kans om ons te bereiken met hun boodschappen, zo luidt de conclusie.