Wat gebeurt er met je e-bikegarantie als een fabrikant (zoals Accell) failliet gaat?

Voor mensen met een (elektrische) fiets van Batavus, Babboe, Koga of Sparta moet het deze week even schrikken zijn geweest. Accell, het moederbedrijf van voorgenoemde fabrikanten, werd deze week failliet verklaard na jarenlange financiële problemen. Een overname moest de Nederlandse fietsgigant redden. Maar toen die kans wegviel, was wel duidelijk dat het voor de fabrikant lastig werd om het hoofd boven water te houden.
Zo’n faillissement heeft ook gevolgen voor wie al een fiets van de merken in bezit heeft óf er een in bestelling had. Wat die gevolgen precies zijn? Voor je garantie alleszins beperkt. Al hangt dat wel af van de situatie: dat zetten we even op een rijtje.
Fabrieksgarantie, maar…
Voor de garantie geldt in de eerste plaats dat die plicht niet bij de fabrikant ligt, maar bij de verkoper. Hoewel vaak gesproken wordt over fabrieksgarantie, gaat het eigenlijk om de wettelijk geregelde garantie en garantietermijn. Binnen die termijn kan je terecht bij de verkoper en moet die defecten (gratis) herstellen, mits ze binnen de voorwaarden vallen.
Let wel, dat geldt dus alleen wanneer je fiets bij een onafhankelijke fietsenmaker gekocht is. Komt hij van de plaatselijke fietsenmaker, dan heb je gewoon nog garantie. Kocht je de e-bike of reguliere fiets echter rechtstreeks bij de fabrikant, dan is het een heel ander verhaal.
De e-bike van bijvoorbeeld Raleigh kon je ook rechtstreeks via diens website bestellen om ‘m thuis te laten leveren. Dat scheelt soms in levertijd, maar komt met het belangrijke nadeel dat je nu eigenlijk zonder garantie zit. Raleigh (Accell dus) is namelijk failliet. Datzelfde speelt als je rechtstreeks via merken zoals Tenways of Canyon een fiets koopt.
Zijn er nog wel onderdelen?
Tekorten aan onderdelen gooiden jaren geleden roet in het eten bij VanMoof. De fabrikant gebruikte met name eigen onderdelen op zijn elektrische fietsen. Dat leverde weliswaar een strakke e-bike op, maar kwam met als nadeel dat fietsenmakers er ook niet zomaar aan konden komen. Toen VanMoof failliet ging, liep het eerdere tekort aan onderdelen verder op en werden sommige fietsen praktisch onbruikbaar.
Het gros van de andere fietsenmerken hanteert een andere strategie, inclusief Batavus, Babboe, Koga en Sparta. Fietsen van die merken gebruiken voor zo’n 80 procent standaardonderdelen. Je kan die onderdelen (bijna) bij elke fietsenmaker of online terugvinden. En een fietsenmaker kan ze ook gewoon voor je bestellen. Het is namelijk Accell dat failliet gegaan is, niet de fabrikant van de losse onderdelen.
Er kleeft wel één maar aan: die overige 20 procent (of net iets meer) kan je niet zomaar krijgen. Het gaat dan bijvoorbeeld om het frame, voorvorken en bagagedragers. Hoewel ook dat soms in China gekochte pakketten zijn, kan een dealer daar niet zomaar – zeker niet met de specificaties van Accell – aan komen.
Kom je met je Batavus of Koga in aanrijding met iemand anders en is er een nieuw frame nodig? Dan is reparatie mogelijk niet meer haalbaar. En datzelfde geldt als een Accell-specifiek onderdeel te snel zou slijten of roestplekken vertoont, wat normaal gezien onder garantie kan vallen.
Financiële gevolgen voor fietsenmakers
Iets dat we al vaak horen, is dat de situatie bij Accell fietsenmakers hard raakt. Zeker omdat ze dus die fabrieksgarantie moeten honoreren. Maar in de praktijk valt dat eigenlijk mee: een fietsenmaker moet voor fabrieksgarantie heel vaak niet eens bij Accell zijn.
De garantie op fietsonderdelen verloopt namelijk vaak via de fabrikant zelf. Neem Bosch of Shimano voor motoren op e-bikes, of Enviolo, Shimano en SRAM voor naafversnellingen. Claims daarvoor kan de fietsenmaker simpelweg bij de afzonderlijke fabrikanten indienen. Die betalen vervolgens om ze te laten vervangen.
Daardoor komt de rekening van de fabrieksgarantie slechts deels neer bij de fietsenmaker. Voor onderdelen die níet toebehoren aan een specifiek merk, geldt weer het omgekeerde en kan de kost voor een fietsenmaker oplopen. Voor fietsenmakers hangt er dus enige onzekerheid aan, al is reguliere slijtage wel uitgesloten van wettelijke garantie.
Over die garantietermijn is vaak wel onduidelijkheid. Fabrikanten noemen vaak specifieke termijnen voor het frame en andere onderdelen, maar een failliete fabrikant kan dat sowieso niet naleven. Een wettelijke termijn voor een fietsframe of e-bikemotor bestaat er echter niet. In dat geval wordt gekeken naar wat redelijk is: een motor zou niet na twee jaar stuk moeten zijn, maar gaat in de regel ook zeker geen 10 of 15 jaar mee.

Hoe zit het met schadevergoedingen en terugroepacties?
Nog voor het faillissement van Accell, toen nog over een overname gesproken werd, maakte de Stichting Veilige Bakfiets duidelijk de procedure tegen Babboe voort te zetten. Die overname zou geen impact hebben op een eventuele schadevergoeding voor teruggeroepen bakfietsen waar heel wat mensen door gedupeerd zijn.
Bij een overname kan dat inderdaad het geval zijn. Een overnamekandidaat die alle rechten en plichten meeneemt, draagt ook de verantwoordelijkheid van de ex-eigenaar. Inclusief acties die nodig zijn om defecte (teruggeroepen) e-bikes te herstellen.
Bij een faillissement en overname is dat in de regel echter niet zo, of toch niet standaard. Vaak koopt een overnamepartij namelijk wel de rechten, terwijl verplichtingen die mee hebben geleid tot het faillissement onder dat faillissement blijven vallen. Daardoor wordt het in elk geval moeilijker om eventuele schadevergoedingen of verplichtingen uit terugroepacties te verhalen.
Een nieuwe eigenaar kan uit goede wil wel een terugroepactie doorzetten. Maar wederom: daar is het niet toe verplicht, tenzij er andere afspraken gemaakt worden.
Wordt mijn e-bike nog geleverd?
Datzelfde geldt bijvoorbeeld voor e-bikes die rechtstreeks bij een fabrikant besteld worden. Na een faillissement is een nieuwe eigenaar niet verplicht rechtstreeks bestelde fietsen te leveren. Ook niet als de betaling al is uitgevoerd. Wederom: daar kunnen andere afspraken over gemaakt worden, maar daar zijn we in het geval van Accell nog lang niet.
Voor fietsen gekocht bij een (lokale) fietsenmaker is dat anders. Je koopovereenkomst loopt dan immers rechtstreeks met de fietsenmaker, zodat de verantwoordelijkheid voor levering ook daar ligt. Kan de fietsenmaker je e-bike echter niet binnen een redelijke termijn leveren omdat de fabrikant failliet is, dan moet die de betaalde voorschotten terugbetalen.
Een fietsenmaker mag ook een andere fiets met dezelfde waarde en klasse voorstellen, of een model uit een hogere klasse. Je hebt als consument echter het recht dat te weigeren: je bestelde een specifieke fiets. Kan die niet geleverd worden, dan voldoet de fietsenmaker niet aan zijn leveringsplicht. Let wel, de termijn die de fietsenmaker heeft om je fiets geleverd te krijgen, hangt ook af van onderlinge afspraken over de levertijd. Is er geen afspraak gemaakt, dan wordt een redelijke termijn aangenomen.
Kortom: via een fietsenmaker kan je bij niet-levering je geld terugkrijgen. Via de fabrikant niet, tenzij de curatoren genoeg geld vinden om schuldeisers terug te betalen. Als consument eindig je doorgaans onderaan de lijst met schuldeisers, na banken, leveranciers en overheden.
Nu Accell failliet is, kan ik veilig een voorraadfiets kopen?
Fietsenmakers en online dealers hebben nog heel wat fietsen van onder andere Batavus, Babboe, Koga en Sparta op voorraad. Die zullen ze ook allemaal willen verkopen: voorraad in winkels wordt vooruitbetaald door dealers. Die voorraad gaat mogelijk wel met korting weg om je te verleiden zo’n fiets te kopen. Maar kan je dat veilig doen?

Een ding is zeker: je gaat de fiets in handen krijgen omdat hij bij je fietsenmaker staat en niet onder het faillissement valt. Natuurlijk geldt wel wat we eerder over de garantie gezegd hebben: je kan daarvoor enkel terecht bij je eigen fietsenmaker. Onderdelen die specifiek zijn voor die fiets, zijn mogelijk niet oneindig leverbaar.
Je loopt dus een klein risico wat reserveonderdelen betreft. Maar je hebt gewoon recht op garantie en daarmee verloopt de koop eigenlijk zoals dat bij elke andere fiets zou gebeuren.
Voor de meeste consumenten verandert er dus minder dan je misschien zou denken. Wie zijn fiets via een dealer kocht, behoudt zijn wettelijke garantie. De grootste onzekerheid zit vooral bij specifieke reserveonderdelen, toekomstige terugroepacties en fietsen die rechtstreeks bij een fabrikant werden besteld.














